NS 4300 - Bachmann WD 2-8-0
Verouderen van Bachmann WD austerity NS 4387
Om meer variatie in stoomlocomotieven op mijn modelbaan te creëren, heb ik een Bachmann austerity WD 2-8-0 in schaal 1:76 geweatherd. Het doel is om een model van een NS 4300 te presenteren, zoals deze ooit op de Nederlandse sporen heeft gereden. De locomotief krijgt een verouderd uiterlijk, maar moet er niet te gehavend of roestig uitzien. Dit is een proefproject.
Bachmann WD 2-8-0 voorbereidingen
Ik wil onderzoeken of ik een locomotief op een vergelijkbare manier kan verouderen of vervuilen als de kolenwagens type GTM(K).
Ik heb een tweedehands Bachmann locomotief. Dit model heeft enkele beschadigingen, maakt veel geluid en is eigenlijk te groot voor mijn spoorbaan, gezien de schaal van 1:76. Het betreft een Austerity War Department 2-8-0 NS 4300.
Ik heb de gehele locomotief uit elkaar gehaald. De aandrijving heb ik schoongemaakt met alcohol, maar er zat vet in dat zelfs met alcohol moeilijk te verwijderen was. Met behulp van prikkers heb ik het vuil uit de tandwielen gewrikt. De andere onderdelen heb ik gereinigd met water en een beetje afwasmiddel.
Het onderstel van de tender en stoomlocomotief is gespoten met zwarte primer - Citadel Chaos Black - uit een spuitbus. Ik heb twee rijen gaatjes geboord in de vloer van de tender, omdat er later een LokSound 5 decoder van ESU in de tender geïnstalleerd zal worden.
weatheren Bachmann 2-8-0 WD austerity
Ik heb het onderstel van de tender behandeld met pigmenten en een matte blanke lak van Bergswerk. Deze aanpak is identiek aan die van de kolenwagens.
Het volledige onderstel is eerst behandeld met het pigment Track Rust. De verenpakketten zijn vervolgens behandeld met het pigment Old Rust. Om de aspotten een glanzender uiterlijk van vet te geven, is er een beetje verdunde glanzende vernis van Vallejo aangebracht. Verder is alles een beetje vervuild met pigmenten Old Rust, Carbon Black, Natural Umber en Burnt Umber van Vallejo.
De wielen van de tender zijn behandeld op dezelfde manier als de kolenwagens, met pigmenten en een transparante lak. Het drijfwerk van de locomotief is grotendeels gedemonteerd. De wielen van de locomotief zijn behandeld met mijn speciale mix van pigmenten, maar alleen tussen en rondom de spaken. De randen van het loopvlak zijn enkel afgewerkt met matte blanke lak, met een subtiel randje roest dat is aangebracht met de pigmentkleur Old Rust.
Vervolgens zijn de zwart gespoten delen behandeld met het pigment Track Rust, waarna de aandrijving weer is gemonteerd. Uiteraard is eerst het achtergebleven pigment uit de lagering verwijderd.
De drijfstang is ingekleurd met matte zwarte lak van Revell. Met één penseelstreek heb ik voldoende verf aangebracht. Na droging heb ik het teveel aan verf met een prikker verwijderd door er voorzichtig overheen te wrijven. Eerst probeerde ik met een fijn penseel het dieper gelegen deel van de stang te schilderen, maar dat kostte veel tijd en het resultaat was niet optimaal.
Het drijfwerk ziet er verder fabrieksnieuw uit, wat me niet bevalt. Met matte blanke lak en pigment heb ik het geheel een vervuild en vettig uiterlijk gegeven. Rondom de scharnierende delen heb ik met een verdunde glanzende lak extra glans op het 'vet' aangebracht. Hier en daar heb ik met pigment wat viezigheid toegevoegd, en de cilinders zijn voorzien van een 'roestig laagje' met Burnt Umber pigment.
Toen ik tevreden was met het resultaat, heb ik alles weer uit elkaar gehaald, de lagering van de wielen opnieuw schoongemaakt en het geheel weer in elkaar gezet. Op deze manier weet ik zeker dat er geen pigment op plekken zit waar het niet thuishoort.
Ik heb alle oude opschriften en belijning verwijderd. Vervolgens heb ik nieuwe decals ontworpen die passen bij het model dat ik wil uitbeelden: de WD 78557, omgenummerd naar NS 4387. Op de plekken waar de decals zullen worden aangebracht, heb ik met een penseel glanzende vernis aangebracht.
Na het aanbrengen van de decals op zowel de locomotief als de tender, heb ik de gehele tender en loc opbouw behandeld met matte blanke lak.
Met een mix van voornamelijk pigment en blanke lak wordt het geheel verouderd. In tegenstelling tot de oudere kolenwagens, heb ik bewust terughoudendheid betracht bij het aanbrengen van roest en roestplekken. De reden hiervoor is simpel: de echte locomotief was op dat moment pas een jaar oud. Het kan dus geen roestbak zijn geweest. Ik wil vooral de viezigheid weergeven die ontstaat door het gebrek aan schoonmaak.
De trapjes bij de bufferbalk zijn met schuurpapier iets dunner gemaakt en schuin geplaatst. Dit is gedaan om meer ruimte te creëren tussen de voorloopwielen en de trappen. Ik hoop dat deze aanpassing voldoende ruimte biedt voor een RocoLine R5-bocht.
De kalkaanslag op de ketel en cilinders is aangebracht met een witte wash en lichte pigmenten.
Het rekje op de tender van de NS 4300-serie is helaas niet meer te vinden in de handel. Daarom heb ik zelf een exemplaar gemaakt van styreen strips.
Bij het verouderen en vervuilen van de stoomlocomotief en tender heb ik gekozen voor een tender die niet volledig met kolen is gevuld. Normaal gesproken zijn de tenderkolen opgestapeld, maar bij dit model van Bachmann heb je de keuze tussen een plastic afdekplaatje voor een volle tender of een lege tender met een gedetailleerde binneninrichting.
Met behulp van pigment carbon black en matte blanke lak heb ik een zwarte laag 'kolenstof' gecreëerd. Op de bodem van de tender ligt een dunne laag echte kolen van ASOA.
Al met al beschouw ik het als een geslaagde onderneming om van een "fabrieksnieuwe" Bachmann WD 2-8-0 een verouderde NS 4300-stoomlocomotief te creëren, vooral door het gebruik van pigmenten.
Om de Bachmann WD een kleinere uitstraling te geven, heb ik roet bovenop de ketel aangebracht, de schoorsteen niet verlengd en de kolen in de tender niet opgestapeld.
Wanneer deze geweatherde NS 4300 locomotief naast een h0-model wordt geplaatst, valt op dat het model te groot is. Echter, wanneer we alleen naar de Bachmann-locomotief kijken, zijn er mogelijkheden om de uitstraling te verbeteren. Door ervoor te zorgen dat de eerste wagons achter de locomotief voldoende groot zijn, lijkt de locomotief minder imposant dan wanneer er kleinere wagons aan worden gekoppeld.
Vergelijkend met een sleep van kolenbakken van het type GLY, zien we hier enkele DRG koelwagens, zoals ze tijdens en vlak na de oorlog werden ingezet. De DRG koelwagens zijn de grootste wagons qua volume die ik in deze periode op de rails kan laten rijden. De foto's zijn bewust tegen een heldere achtergrond geplaatst om het profiel beter zichtbaar te maken.
digitaliseren Bachmann austerity
De bedrading van de motor en de stroomafnemers wordt via een krimpkous door het metalen chassis van de locomotief naar de tender geleid.
Het 'staartje' met de bedrading loopt boven de koppeling naar de tender, en zal straks nauwelijks meer opvallen. Om de loc verder te weatheren is de bovenbouw op het onderstel bevestigd.
De ESU LokSound 5 decoder is geplaatst in de tender. Voor de geluidsweergave heb ik de standaard luidspreker gebruikt. De bedrading die vanuit de locomotief komt, is rechtstreeks verbonden met de decoder, zonder gebruik te maken van een stekker. Ik heb ervoor gezorgd dat de draadlengte voldoende is, zodat het aansluiten en werken prettig verloopt.
Hoewel er stroomafname is op vier assen van de locomotief, blijkt deze niet altijd even betrouwbaar. Daarom heb ik onder de tender extra stroomafnemers bevestigd.