Artitec CHD wagens: Wielafstand aanpassen voor Weinert railmateriaal
Nieuw binnengekomen goederenwagens direct op de modelbaan inzetten is niet altijd vanzelfsprekend. Bij het proefrijden met diverse nieuwe Artitec CHD goederenwagens (sets 20.217.10/11 en artikelen 20.216.01-03 / 20.217.01-03) ontstonden er direct problemen op het vorkstation van De Geuldalbaan. De wagens hobbelden merkbaar bij het passeren van de slanke Weinert wissels en kruisingen. In deze korte gids laat ik zien hoe ik dit probleem oplos.
Bij de eerste Weinert-wissel hobbelden de Artitec CHD's al over de rails, en bij de grote Weinert-kruising ontspoorde een wagon. Dit roept onmiddellijk de vraag op of de wielafstand, die volgens de voorschriften van Weinert minimaal 14,3 mm moet zijn, correct is.
Na controle met de schuifmaat bleek de oorzaak te liggen in een te krappe wielafstand van de fabriek, namelijk 14,0 - 14,1 mm, en bij een enkele wagen zelfs nog kleiner. Dit wijkt aanzienlijk af van de minimale norm van 14,3 mm die Weinert voorschrijft voor een storingsvrije werking. Bovendien valt de wielafstand ver buiten de NEM 310 norm, die een wielafstand van 14,4 - 14,6 mm aanbeveelt.
Benodigdheden voor de modificatie
Voor het aanpassen van de Artitec-wielstellen en het chassis zijn de volgende gereedschappen en materialen gebruikt:
- Schuifmaat: Voor het exact nameten van de wielafstand en wielbreedte.
- Wielpers of wielcontrolemal: Om de wielen gecontroleerd op de as te verschuiven.
- Fijn schuurpapier: Voor het nauwkeurig dunner maken van de kunststof wielophanging.
De oplossing lijkt simpel: met een gereedschap van Fohrmann de wielafstand vergroten, tot net aan de (nieuwe) NEM norm. Dat is in elk geval veilig voor Weinert Mein Gleis. Het makkelijkst is het geisoleerde wiel te verschuiven.
Bij het opnieuw monteren van de wielen blijkt dat het onderstel van de CHD-wagens in de sets niet is ontworpen voor de juiste wielafstand. Het geïsoleerde wiel, dat naar buiten is verplaatst om de wielafstand te corrigeren, raakt de wielophanging. Dit wijst op een ontwerp- of constructiefout die om een oplossing vraagt.
Om ruimte te creëren tussen de aspotten, heb ik in eerste instantie 0,1 mm kunststof van de wielophanging weggeschuurd.
Daarna schuur ik het geïsoleerde wiel tot een dikte van 2,5 mm. Deze dikte biedt voldoende ruimte, zodat de wielen vrij kunnen draaien tussen de wielophangingen. Hiervoor moet het wiel van de as worden verwijderd. Vervolgens gebruik ik schuurpapier om het wiel tot de gewenste dikte van 2,5 mm te schuren. Ik kies ervoor het geïsoleerde wiel te schuren, omdat dit het gemakkelijkst van de as te verwijderen is.
De ruimte van 0,3 - 0,4 mm lijkt tijdens de test voldoende te zijn.
Echter, bij het rijden op de baan blijkt dat het probleem niet volledig is opgelost. Hoewel de minimale wielafstand voor Weinert is gewaarborgd, komen de wielen af en toe nog in contact met het chassis.
Stappenplan
Het weghalen van 0,1 mm aan de andere kant lost het probleem niet op. Om meer ruimte te creëren, is ook het geleidende wiel van de as verwijderd en tot een dikte van 2,5 mm verlaagd. Vervolgens zijn beide wielen symmetrisch op de as geperst, met een wielafstand van 14,3 tot 14,4 mm.
Het uiteindelijke stappenplan ziet als volgt uit:
Symmetrisch aanpassen naar NEM-maat N. Om te zorgen dat de assen niet klem lopen tegen het chassis na het verbreden van de wielafstand, is de volgende werkwijze toegepast:
- Demontage: Trek de geïsoleerde wielen volledig van de metalen as af.
- Wielbreedte versmallen: Schuur de buitenzijde van beide wielen symmetrisch af tot een dikte van 2,5 mm (conform NEM-maat N). Dit voorkomt dat het middelpunt van de as verschuift.
- Montage & afstelling: Pers de wielen terug op de as en stel de wielafstand met de schuifmaat in op de marge van 14,3 - 14,4 mm.
Het resultaat: Door de wieldikte (maat N) tot 2,5mm terug te brengen blijven de assen gecentreerd, lopen ze volledig vrij van het chassis en rollen de wagens nu zonder te hobbelen over de Weinert-hartstukken.
Het simpelweg vervangen van de Artitec-wielen door RP25-wielen werkt niet op de baan, omdat de flenzen van de RP25-wielen lager zijn. Hierdoor zouden de korte en lichte wagens weer gaan hobbelen in de Roco-wissels, tenzij alle wielen vervangen worden en er aanpassingen in de Roco-wissels worden gedaan. Dit is voor mij geen optie.
💡 Documentatie & andere projecten
Meer gidsen en aanpassingen van rollend materieel bekijken?
- Kolenlading wagens: Lees hier de gids over het maken van realistische ladingen
- Weatheren wielen wagons: Bekijk het verslag over het vervuilen van wielstellen
- Rollend Materieel & Weatheren: Terug naar het overkoepelende hoofdoverzicht