landschapsbouw & scenery
In deze rubriek landschapsbouw en scenery wordt alles wat zichtbaar is op de modelbaan gerekend tot het landschap en de scenery. Op deze pagina worden de belangrijkste uitgangspunten voor de landschapsbouw van De Geuldalbaan nader toegelicht in onderstaande hoofdstukken.
Voor een duidelijke structuur en vanwege het uitgebreide aantal afbeeldingen is het landschap van de modelbaan onderverdeeld in meerdere secties. De voortgang en bouw van elke sectie worden gedetailleerd beschreven in een andere rubriek: bouwverslagen.
bouw van het landschap & scenery met XPS
basis van het landschap: gaas-en-spanten-methode, of bouwen met EPS/XPS?
Om hoogteverschillen op de modelbaan te creëren zijn er ruwweg twee mogelijkheden.
De eerste mogelijkheid is om de spanten op de baan de vorm van het landschap te laten volgen, en daar een soort van gaas overheen te spannen. Vervolgens wordt het gaas al dan niet met papier afgedekt waarna een laag gips wordt aangebracht. Of er een laag papier nodig is, is afhankelijk van de maaswijdte van het aangebrachte gaas. Bij een zeer kleine maaswijdte kan het gips direct op het gaas worden gesmeerd.
Deze 'gaas-en-spanten-methode' heb ik op vroegere modelbanen toegepast. Op die banen heb ik ook met piepschuim (EPS) gewerkt om het landschap vorm te geven. Daarbij werkte ik het piepschuim af met een laag gips.
Een tweede methode is om het landschap uitsluitend van XPS (geëxtrudeerd polystyreen) en piepschuim te maken. Dat heb ik op De Geuldalbaan gedaan.
Doordat de hoogteverschillen rechtstreeks met het XPS worden gemaakt hoeven de spanten niet meer de contouren van het landschap te volgen. Dat werkt dus flexibeler. Er hoeft van te voren niet tot in detail vastgelegd te worden (door de vorm van de spanten) hoe de hoogteverschillen op de baan eruit gaan zien. Er is een uitzondering: daar waar segmentenovergangen zijn volgen de spanten wel de hoogteverschillen.
XPS is stugger dan EPS en heeft een fijnere structuur. XPS is te bewerken met zaag, rasp en hobbymes. Door de fijnere structuur kunnen details in het landschap direct in het foam worden aangebracht. Bovendien kan het XPS schuim rechtstreeks worden geschilderd, zonder eerst een laag gips aan te brengen.
Mijn ervaring is dat het werken met XPS/EPS gewicht bespaart doordat er veel minder gips nodig is om de modelspoorbaan vorm te geven. Er hoeven ook minder spanten gebouwd te worden voor de stabiliteit. Bovendien is het eenvoudiger om de modelbaan horizontaal in delen te bouwen daar waar de baan te hoog voor transport wordt. Er zijn echter meer dragers (multiplex plaatmateriaal) nodig dan bij de gaas/gips methode. En het bouwen met XPS of EPS levert ook een hoop afval op.
Bij de landschapsbouw op De Geuldalbaan is ervoor gekozen om het landschap te maken met XPS hardschuim en een deel piepschuim (EPS). Het schuim wordt op een ondergrond van multiplex dragers verlijmd. Piepschuim wordt gebruikt omdat het goedkoper is dan XPS. Het piepschuim wordt niet aan de oppervlakte gebruikt.
werken met XPS en piepschuim (EPS), lijmen met purschuim
Voor het verlijmen van het XPS en EPS foam gebruik ik een PUR-pistool en purschuim dat wat minder expandeert (bijvoorbeeld Soudal, Low Expansion). Door na het aanbrengen van het PUR-schuim het nieuwe XPS deel heen en weer te bewegen, wordt het PUR-schuim beter verdeeld. Direct na het plaatsen van het XPS wordt voldoende gewicht aangebracht zodat het op zijn plek blijft. Indien mogelijk kunnen lijmklemmen worden gebruikt.
Voordat de volgende lagen XPS wordt aangebracht, wordt de ruwe vorm van de helling in het landschap bijgewerkt. Dat voorkomt dat er steeds te grote stukken worden bij gelijmd.
Met een goedkoop PUR-pistool valt prima te werken. Door het pistool goed dicht te draaien na gebruik, en af en toe even te gebruiken, wordt het schuim niet hard in het pistool.

toegangsluik in modelbaan landschap: toegang tot de rails van de verdekte sporen
De verschuifbare bakken voor het landschap bieden een efficiënte oplossing om de sporen optimaal bereikbaar te maken. In bepaalde situaties kunnen kleine toegangsluiken noodzakelijk zijn om toegang te garanderen.
Voor de realisatie van een extra toegang is een oplossing bedacht waarbij gebruik wordt gemaakt van twee taps toelopende driehoeken die exact in elkaar passen. De buitenste driehoek wordt stevig vastgelijmd op de multiplex plaat, terwijl de binnenste driehoek geïntegreerd is in het landschap en eenvoudig kan worden opgetild indien nodig.
De doorgang is conform de richtlijnen van NEM 102/103.
taluds op de modelbaan
Alle taluds op deze modelbaan worden gemaakt met behulp van dezelfde mal. Hierdoor blijft de hellingshoek overal gelijk, wat zorgdraagt voor een uniforme uitstraling.
Allereerst wordt de ruwe vorm van de taluds met mes en zaag met de hand vervaardigd. Vervolgens wordt met een rasp materiaal verwijderd totdat de gewenste vorm is gerealiseerd. De mal wordt hierbij steeds loodrecht op de rails geplaatst.
De helling van de taluds op mijn modelbaan is vastgesteld op een hoek van 38º. Volgens de richtlijnen van NEM 122 wordt een helling van 1:1,5 aanbevolen, wat overeenkomt met circa 34º. De gekozen hellingshoek biedt aanvullende ruimte. Het verschil met de aanbevolen hoek is, zonder een directe referentie, nauwelijks waarneembaar.
landschapsbouw met bakken
landschapsbouw met bakken: handig bij transport van de modelbaan, en toegang tot verdekte sporen
Vanwege de grootte van de modelbaan is een indeling in segmenten voorgenomen, zie ook de rubriek modelbaan frames →. Het landschap op de segmenten mag niet te hoog zijn in verband met transport. De hoge landschapsgedeelten worden als 'losse bakken' gemaakt.
Een voorbeeld.
Het landschap op sectie-1 heeft een hoogte van ongeveer 100cm. Dat is exclusief de hoogte voor bomen en bebouwing.
Als voorbeeld is spant G4 van segment G genomen.
De contouren van het landschap geven aan dat het onmogelijk is de segmenten op deze wijze te vervoeren uitgaande van een deuropening van 80 cm breedte. Er zal een horizontale scheiding in de segmenten gemaakt moeten worden. De hogere delen van het modelbaan landschap dienen gescheiden te kunnen worden van de segmenten.
Bij sectie-1 is gekozen voor de volgende oplossing. Door middel van een soort bak kan het hoogste gedeelte van het landschap worden gescheiden van de rest van de modelbaan. Het landschap in de bakken wordt ook met EPS / XPS schuim gebouwd.
Een bijkomend voordeel van de losse bakken is dat de verdekte sporen ook beter bereikbaar zijn.
Voor de landschapsbouw zijn de dragers - evenals de spanten - gezaagd uit 9mm dik multiplex. Ook de bakken worden met hetzelfde plaatmateriaal gemaakt. In de praktijk ziet de landschapsbak er dan zo uit:
'Losse bakken' zorgen ook voor toegang tot de verdekte sporen. In de bouwverslagen van elke sectie van de modelbaan komt de bouw van de landschapsbakken ter sprake. Om een idee te geven van het systeem met landschapsbakken een aantal foto's van de modelbaan met en zonder bakken.
werken met gips op de modelbaan
wegen op de modelbaan van modelgips
De paden en wegen in het XPS landschap zijn onverhard. In werkelijkheid bestaan ze uit samengeperste grond met of zonder kiezel. Op de modelbaan behoren ze dan ook niet mooi effen en gladgestreken te zijn.
De veld- of landwegen en paden zijn gemaakt van modelgips. Voor de landwegen wordt eerst een soort van cunet van een paar mm diepte uitgesneden in het XPS.
Voordeel hiervan is dat de bovenkant van de weg na het gipswerk weer gelijk ligt met het omringende landschap. Dit is het eindresultaat voordat de weg een kleur krijgt.
Deze YouTube video laat in realtime zien hoe de landwegen gemaakt worden. In ca. 17 minuten is het gipswerk klaar.
rotsen van gips
De mergelrotsen op de modelbaan worden gemaakt van modelgips. Waar op de vorige baan gebruik werd gemaakt van gietmallen, worden de rotsformaties op De Geuldalbaan rechtstreeks op de baan gecreëerd. Dit is noodzakelijk, omdat de mergelrotsen niet kunnen worden samengesteld uit afzonderlijke prefab gipsafdrukken.
Nadat het landschap van XPS is uitgesneden, wordt op plekken waar rotsen komen 1á 2 cm XPS weggesneden om ruimte te maken voor het modelgips. Vervolgens is het schuim ruw gemaakt voor een goede hechting van het gips.
Tijdens het werk aan de rotswand hangt de verlichting er recht boven. Door het strijklicht zijn de details beter zichtbaar. Later als de baanverlichting brandt zal het contrast minder worden.
Met een spatel is het gips opgebracht. Om te kunnen snijden en krassen is minimaal 1 cm dikte nodig. Als eerste zijn de kenmerkende horizontale lijnen in de rotswand - de horizonten - op de juiste hoogte aangebracht. Daarna wordt met een mesje de structuur verder uitgewerkt.
Af en toe worden losse stukjes gips weggeveegd met een zachte kwast. Na de grovere structuur wordt de fijnere structuur gekrast terwijl het gips verder uithard.
Na volledige droging heb ik de mergelwand nog bewerkt met een tandenborstel. De randen van de mergelstructuur vond ik te scherp. In werkelijkheid is het een zacht gesteente dat makkelijk verweerd waardoor de scherpe breukranden snel afbrokkelen. Met een borstel blijft de structuur behouden, maar worden de randjes iets afgerond.